SBK Amsterdam Zuid
De expositie was te zien van 18 - 25 april 2010
Ahmet Helaka
NIEUWE AANWINST
WAAR KUNST EN POËZIE IN ELKAAR OPGAAN
“Mijn concept komt uit het Oosten, maar de uitwerking ervan is Westers.” Ahmet Helaka is geboren in het zuiden van Turkije. De resultaten op de middelbare school wezen in de richting van een technisch beroep. Het werd ingenieur gespecialiseerd in materiaalkunde. Vijftien jaar geleden kwam hij met zijn familie naar Nederland. Daar begon, zoals hij het zelf omschrijft, zijn “tweede leven”. Dat sloot beter aan bij zijn eerste liefde: de kunst. Hij ging naar de Rietveld Academie in Amsterdam en koos er voor fotografie en video. De techniek had hem toch niet helemaal losgelaten. In 2000 studeerde hij af.
Ahmet Helaka laat zich inspireren door het werk van de moslim mysticus, filosoof en dichter Rumi. Die leefde in de 13de eeuw. Hij werd weliswaar geboren in het Perzische keizerrijk, maar bracht het grootste deel van zijn leven door in Turkije, niet ver van de geboorteplaats van Ahmet Helaka. Zijn gedichten worden gekenmerkt door religieuze tolerantie (daardoor konden ze populair worden in bijvoorbeeld de VS). Ze bestrijken een breed scala aan onderwerpen. Van geloof tot pornografie. Liefde, eenzaamheid, verlies en verlangen komen echter met grote regelmaat terug. Het zou me niet verbazen als het juist die gedichten zijn, die Helaka inspireren.
De kunstenaar fotografeert mensen uit zijn directe omgeving en landschappelijke vergezichten. De portretten zijn meestal in zwart-wit. Ze zijn voor een deel out of focus waardoor ze een emotionele lading krijgen. Ze maken als het ware de persoonlijke betrokkenheid zichtbaar. De ‘modellen’ kijken ingetogen of ernstig. Ze kijken je nooit aan.
In zijn vergezichten, die in alle jaargetijden zijn opgenomen, speelt de horizon een grote rol. De minimale voorstelling concentreert zich op en rondom die natuurlijke lijn. Vaak zijn ook deze beelden enigszins vaag. De kleuren zijn ingehouden. Er wordt meer weggelaten dan er te zien is. Dat maakt de foto’s poëtisch. Er moet veel tussen de regels gelezen worden. De ondertoon is melancholisch. Vooral in die ene foto waarop een vage, eenzame fietser een gevecht lijkt te leveren tegen de wind. De vergezichten hebben geen duidelijke identiteit. Ze zijn van alle tijden en kunnen in principe overal, in ieder land, zijn vastgelegd.
In zijn video’s neemt Ahmet Helaka de kans waar om een ander poëtisch element aan zijn werk toe te voegen: ritme. Beelden en muziek vinden elkaar, als waren het bloedverwanten, overigens zonder dat de beelden een platte illustratie worden van de muziek. Ze behouden hun eigen kwaliteit en identiteit. In ‘Another Dream’ gaan de wervelende opnames van een jonge, oosterse vrouw naadloos over in beelden van haar omgeving. Kale takken en vogelzwermen vormen de rode draad in de droom. Heimwee? Verlangen? Vogels die terugkeren naar hun oorsprong? In ‘Poem of the third person’ past hij een vergelijkbaar principe toe, alleen zijn daarin de beelden van de mensen zo vaag en vluchtig dat ze abstract worden. Met recht ‘third person’. Voor het geluid maakt hij gebruik van muziek van Enya. Nogal gevaarlijk, want daarmee ligt het kitscherige sentiment op de loer. Omdat Helaka de melodieën manipuleert, ze naar zijn hand zet, beter gezegd, ze naar zijn beelden zet, voorkomt hij dat. In een animatievideo laat hij zien dat de woorden van een gedicht (van Nazim Hikmet) tot beelden kunnen worden. Het doet er niet meer toe of je de taal begrijpt of niet. Poëzie en kunst zijn volledig in elkaar opgegaan.
Ahmet Helaka is geen prater. Zijn taal is het beeld en hij laat het aan de kijker over hoe dat beeld geïnterpreteerd en verklaard kan worden. Hij geeft alleen aanzetten. Hij suggereert. Hij creëert een sfeer. Als een dichter die de stukken wit in zijn gedicht laat spreken.
Rob Perrée (Amsterdam, juni 2009)
|

|